Gesprek tussen mijn moeder en haar kleinzoon, mijn kind.
Lekker knus onder de dekens, hoofden tegen elkaar, zijn handen in haar haren, haar handen op zijn rug.
Bomma: Hoe was het vandaag op school, zoeteke?
Zoonlief: Goed.
Bomma: Wat heb je allemaal gedaan?
Zoonlief: Gespeeld.
Bomma: Met wie heb je gespeeld?
Zoonlief: Met mijn vrienden.
Bomma: Wat fijn. Nu is het tijd om te gaan slapen, zoeteke.
Zoonlief heft zijn gezicht op en kijkt ietwat gepanikeerd. (Slapen is geen hobby van mijn kind): Ik wil mijn mama en papa.
Bomma: Die zijn er nu niet hee zoeteke. Die moesten vanavond weg.
Zoonlief: Maar ik mis mijn mama en papa.
Bomma: Das normaal, zoeteke. Morgen zie je ze weer.
Het blijft even stil. Zoonlief kijkt bedenkelijk en zegt dan heel serieus: Ik kan niet leven zonder mijn mama en papa.
Bomma slikt iets weg en streelt zijn hoofdje.
Mijn kind is zes. En lijkt op zijn moeder.