Aflaten

Chantage …. ik ben daar niet voor. Dat is teken van een slecht karakter, vind ik.
Aflaten daarentegen … ik doe dat regelmatig.

Vandaag ook weer wat af(ge)laten: Als ik dit voor mekaar krijg, snoep ik niet meer tot het einde van het schooljaar.
Ik ben dikwijls een ‘sjansard’ zoals ze dat in schoon Vlaamsch zeggen. Ik krijg de gekste dingen gedaan zonder veel inspanning. Met veel spanning weliswaar maar dat is slechts voor de binnenkant. Aan de buitenkant blijf ik altijd cool, calm and collected (yeah right) maar van binnen sterf ik duizend doden.
Met wat charme (zonder opscheppen) geraak ik altijd wel ergens :)
Mijn goed karma maakt alles altijd ok.
En ik vertrouw daar te veel op.

Zoveel dat ik in soms in nesten geraak … en het dan moet doen met omkoperij.
“Als het in orde komt, dan ruim ik in het vervolg alles op zonder treuzelen.”
“Dan ga ik aan mijn conditie werken, dan ga ik meer met de bus naar het werk, dan zal ik … dan beloof ik …”
Om één of andere rare reden, geraak ik er meestal mee weg.
Dat is fijn. Dan hoef ik niet af te gaan of toe te geven dat ik te laat ben met mijn planning, voorbereiding. En kan ik tevens iets doen aan mijn zwakke conditie of snoepgedrag.
Het komt op één of andere manier wel in orde.

Euh …? Altijd?
Nope, vandaag dus niet.
Verstrooid en verward laat ik het allemaal in het honderd lopen.
Overheidsinstanties die hun best doen met te helpen, er een halve dag werk in steken om dan uiteindelijk met spijtige stem te moeten melden: Sorry mevrouw, maar ik kreeg het niet meer voor mekaar.

Dan stampvoet ik ingebeeld de tegels uit de vloer.
Ik klapper met de deuren en bries als een hengst op speed.
Ik ben verschrikkelijk boos.
Vooral op mezelf.
Want met charme alleen kan je praktische fouten (zoals het afspreken van datum; uur en plaats van welbepaalde belangrijke zaken) niet herstellen.
Dju toch.
Djuuuuuuu toch!!!!

Zo’n slum kind! En untelligent ook!

Zoonlief krijgt naschoolse Engelse les van zijn moeder. Van mij dus.
Deze week leerden we de dieren.
A cow, a cat, a dog …
Lang leve youtube.

Zoonlief is een ijverig deelnemer. Zonder opscheppen kan ik als leerkracht zeggen dat hij de beste van de klas is. Als moeder zeg ik dat natuurlijk bijzonder pocherig en opgeschept!
Zoonlief heeft soms wel wat kronkels. (heeft ie NIET van mij)

Bij het prentje van de schildpad leren ze ‘Turtle’. Eentje roept dat hij op de Ninja Turtles lijkt. Ik knik bemoedigend.
“Oooo”, roept zoonlief:”Dat kan je onthouden met die minister!!!” waarbij hij enthousiast knikt.

Mijn bijzonder onbegrijpende blik spreekt boekdelen.
“Awel mama, er heet zo’n minister Turtelboom. Zo kan je dat toch ook onthouden.”
Mijn kind is slim. En untelligent!
(Heeft ie van mij!)

Be-dacht-ingen

Volgens mij zei mijn moeder: “Vrouwen van uw leeftijd laten hun haar niet meer los naast hun gezicht hangen.” Maar omdat ze toen Hillary Clinton als voorbeeld aanhaalde, veronderstel ik dat ze het over haar eigen leeftijd had. Dat hoop ik toch. (Of hoe ik potdoof en weeral minstens een week mijn hoorapparaat kwijt ben)

Vervolgens deed ik mijn haar terug in de was en hoopte ik dat het toch een andere richting nam bij het drogen. (Of hoe mijn haar nooit meteen goed ligt wanneer ik bij de kapper ben geweest.)

Daarna trok ik die oude rok van vorig jaar aan en merkte ik dat hij (of ik?) uit zijn voegen barstte en ik dus bijgevolg een brede jeans aan moest doen. (Of hoe treuren mijn eetlust bevordert en ik bijgevolg 5 kilo bijkwam sedert de kerstvakantie!)

Maar weet je?
Ik ben dus wel degelijk blij met mijn nieuwe coupe. Mijn lijf is nog niet van een zodanige proportie dat ik meteen bij de weight watchers ga aankloppen.
En ik omring me tegenwoordig alleen nog maar met mensen die me ‘waw’ vinden en die zeggen dat ik goed sta met een ‘froufrou’ en knap en lief en stoer en sterk en WAW ben … (Of hoe je op een bepaald moment met graagte voor de oprechte vleiers kiest.)

Niemand weet, niemand weet dat ik appelsteeltje heet…

Ik had altijd appelvriendelijke lieven.
Hun naam begon met letter F, G, J, I, L … . Het kwam altijd netjes uit. Hoewel die laatste al wat moeilijker was.
Mijn eerste lief had een naam die begon met een W.
Dat was knap lastig. Dan probeerde ik het door achteraan in het alfabet te beginnen. Maar een W zit nog knap dicht bij een Z dus meestal foeterde ik wat en trok ik extra hard bij de W.

U kent dat toch?
Dat lagere-school-appel-spelletje?
Je draait aan het steeltje terwijl je de appel in de andere richting draait. Ondertussen zeg je luidop het alfabet beginnende bij A.
Wanneer het steeltje afbreekt, stop je en weet je meteen met welke letter de naam van de liefde van je leven begint.

Ik kan je verzekeren: zeer gemakkelijk met letters uit de eerste helft van het alfabet.
Ik ben blij dat ik nooit een lief had dat Paul of Rudy of Thomas heette.
Ook hadden de meesten een éénlettergrepige naam. Als in de goede ouderwetse Vlaamsche namenreeks uit de jaren zestig en zeventig.
Maar dat heeft dan weer niets te maken met het appelsteeltje.

Vandaag betrapte ik er mezelf op dat ik appel at. En het spelletje deed.
De liefde van mijn leven is al gepasseerd maar er mag zich altijd een nieuw appelsteeltje aandienen.
Ik spin wel wat goud …
of zoiets.

Kerk?

Zondagochtend. 10 uur

Kromgebogen van de pijn zit ik bij de dokter van wacht. “Achter de kerk, op het kerkplein, mevrouw, daar vindt u de praktijk.”

De wachtkamer is bijna vol. Ik zucht. Verdorie, dat wordt langer wachten dan verwacht.

Het is stil. Een man bladert in een autoboekje. Een kleuter speelt met de blokken aan het kindertafeltje. Een nogal dure dame kijkt op haar iPhone.
We kijken elkaar niet aan. Iedereen zit hier voor een dringende reden. Ziek zijn in een weekend doe je niet voor de lol.

Plots hoor ik iets. Het lijkt een gsm die rinkelt. Een gsm met een rare ringtone.
De meesten richten hun hoofd op, kijken even in hun handtas en lezen verder. Niemand neemt op.
Doordat ik zoveel pijn heb, raak ik lichtjes geïrriteerd. Komaan, neem die telefoon op.
Na een tijdje stopt het geluid. Niemand heeft een gsm in zijn handen.
Verbaasd kijk ik uit het venster.
Dan valt mijn ‘frank’ …
Het waren de kerkklokken.
Rare ringtone dus!

 

 

Singlenadeel 432 (ofzo)

Mijn gil zou eigenlijk de doden uit hun graf doen springen … maar blijkbaar reageert er niemand.

Doordat ik een tas kokend hete latte samen met een donsdeken en twee warmwaterkruiken naar bed wilde dragen …. verbrandde ik mijn hand. Gestruikeld. Over het donsdeken. Latte heen en weer. Kruiken op de grond. Dons heeft donkere strepen.

Het is nu half 11 ‘s avonds en ze tintelt. Mijn hand bedoel ik dan.
Ze ziet rood, is dik en bonst af en toe.

Ik hield ze een halve minuut onder water en moest toen de stoffen zetel gaan proper maken want latte die te lang inwerkt, is een vuiligheid op stoffen zetels. Er kwam ook niemand aan om mijn zetel te poetsen.
Nadien toch maar terug onder de koudwaterkraan. Ik trippel heen en weer naast de wasbak ondertussen mijn hand stevig koud houdend. Na een minuutje naar de ijskast waarbij ik ontdek dat de flammazine helemaal op/leeg is. Retourtje kraan.
Ik voel me licht worden in mijn hoofd. Verdomme, dit doet zeer.
Dan besluit ik toch maar dat ik moet gaan slapen.
Terwijl ik in bed lig en mijn hand nog gloeiender wordt, bedenk ik me voor de zoveelste keer dat ik dus kan sterven, verbranden, vermoord of verkracht worden zonder dat iemand dat meteen merkt. Gelukkig dat het een werkweek is … er zou in ieder geval morgen iemand nogal geïrriteerd telefoneren en dan hopelijk na een halve dag mijn moeder contacteren.

Weet je? Misschien moet ik me zo’n belding aanschaffen. Of hoe noem je zoiets?
Iets dat om je nek hangt en waarop je kan drukken indien je in nood zit …
Waar koop je dat?

Met een op springen staande blaas beweeg ik moeizaam tussen de rekken.
Jongens, waar is hier de dichtsbijzijnde wc????

Ik doe een schampere poging om mijn blaas het zwijgen op te leggen.
Net zoals ik niet altijd naar mijn lijf luister, zo luistert mijn lijf ook niet altijd naar mij.
Een toilet, alsjeblieft? En wel NUUUUU!

Een mevrouw met rode t-shirt beweegt zich naar de achterkant van de winkel. Ik schuifel met bij elkaar gedrukte benen naar haar toe.
“Mevrouw, mag ik alstublieft even gebruik maken van jullie toilet?”
Ze glimlacht me ietwat spijtig toe en antwoordt: “Het spijt me, mevrouw, maar dat mogen we niet meer toestaan.”
Beelden van op de grond bevallende vrouwen en plassende kinderen tussen de rekken van het kerstgerief en de babyrompers vliegen mijn netvlies voorbij.
Ik spreid mijn armen en vraag wanhopig:”Is er hier dan een taverne in de buurt alsjeblieft???”
Ze wijst naar de overkant. “Daar is een taverne, mevrouw”. Ondertussen tikt ze haar code in en verdwijnt ze achter de geheime deur die dus enkel code-dames binnenlaat.
Ik laat mijn winkelwaar liggen waar het ligt.
De pot op!
Ja, en zij ook!!!

Sam op vrijdag???

Discriminatie is het.
Mijn vingers jeuken om een zeer verontwaardigde mail te sturen.
Men schilderde me zojuist af als ‘geen doelpubliek’.
Moest het nu gaan over trapliften, orthopedische schoenen en/of steunkousen, ja, dan heb ik geen ambitie om ‘doelpubliek’ te zijn.
Maar het gaat hier over kleurrijk, fleurig, verrassend, hip ondergoed!
De eigenaresse, die trouwens ruim mijn leeftijd is, zegt dat ze hun producten vooral afstemmen op vrouwen tussen 15 en 35.

Watte?????
Meent ze dat?
Hoor ik het goed?
Wat met ons?
De vrouwen die een beproefd lijf hebben? Die al bevallen zijn en daar nog zichtbare gevolgen van dragen? Die geen fotomodel zijn of zo strak als een vijftienjarige? Die na al die tijd hun lichaam aanvaarden en daar eindelijk, na jaren complexen, tevreden mee zijn.
Wat met ons???
Geen doelpubliek, zegt Sam. Wat, Sam? Herhaal dat nog eens?!
Ooit was er een Sam die iedereen wou. En nu? Wij? Geen doelpubliek?!

 
Laat ons protesteren. Geef mij uw stem?!
Awoe, awoeeee!
Lang leve Marlies, Marie-Jo, Sloggi, Triumph,  Sapph en elk merk dat ook doelt op vrouwen van 42.
Awoe aan Sam. Awoooooeeee!

Ik blijf het moeilijk vinden:

- een tweepersoonsdekbed op je eentje in je dekbedhoes steken.
- een flesje opendraaien met behulp van je tanden (omdat je niet sterk genoeg bent)
- een kerstboom van de zolder halen en het bovenstuk op je hoofd voelen vallen.
- afwassen. Alleen.
- een kind opvoeden. Alleen.
- de rits van je nieuwe kleedje tot boven toe dichtkrijgen.
- je voeten masseren wanneer je te lang hoge hakken aanhad.

En toen zocht ik dit nummer op en kreeg ik prompt de slappe lach :

Heerlijk dramatisch. Ik zie het mezelf doen.
Of neen. Beter nog. Ik doe het. NU!