Dat het onnozel is
en gedaan moet zijn
met dat kinderlijke blije
dat vrije
dat zo gemakkelijk
gedaan is
beter dan woorden is
en nergens op lijkt
op slaat
op dat slaande ruzie
en dat het zeer doet
en wee is
van o
en wee
en ach
en leed
en ocharme toch
dat het gedaan moet zijn
nu
gedaan
verstaat ge
Category Archives: woorden
Ik ben van Uw
mijn hoofd past perfect
tussen uw schouderbladen
terwijl mijn heupen
uw billen herbergen
en warmen tegen koude
mijn handen meten uw borst
en kroelen uw haar
wanneer mijn buik
uw rug aankleedt
en sierend tooit
tot we één en
twee zijn
Er is een plooi.
En daar val ik in.
Een zachte, brede, mooie plooi. Van rood fluweel met roze hartjes. Een een wit kanten lintje aan de zijden.
Met af en toe een doorgesleten stuk. Zo’n stuk dat aangeeft dat de plooi op bepaalde plaatsen bijna versleten is. Wat oud. Wat afgedragen.
Sedert een aantal weken zie je hier en daar een glanzend stuk. Spliksplinternieuw. Net geboren. Net ontstaan.
Een plekje Bloem. Een nieuwe iris.
Het zijn mijn plooien. Die van mij alleen.
‘s Morgens in de spiegel lijken ze veelvuldig en erg aanwezig. Maar ik strijk ze glad. Niet met hete stoom of een ijzeren strijkend ijzer.
Maar met cake en babbels. Muziek en covers. Gedichten en badschuim. Cava en dansafspraakjes.
Zelfs bijna niet gekleurd door gemis. (Wat bij mij toch altijd aanwezig is.) (Gerijmel in de mis(t))
Afijn …
ik ben terug aan het bloeien. Op verschillende weiden.
Zie je mijn iris?
Ik zou bijna zeggen …
Ziediswiedadieris?
Maar das al een ouwe gouwe …
Met sleet op.
We gaan voor het nieuwe.
Gladgestreken.
De bleekweide …
“We doen alles wat voor de kinderen het beste is.”, zegt de mevrouw op tv. Ze zit in kleermakerszit tegenover een hele mooie therapeute. De man zit hoger, in de sofa. Zijn kin, zijn hoofd rusten op zijn handen. Hij draagt een last.
Het zouden woorden kunnen zijn die ik sprak. Een situatie die ik meemaakte.
We zaten daar ook anderhalf jaar geleden. Een scheidingsritueel.
Dat zou helpen.
Zoonlief rekende dat anders. Verzet. Boosheid. Weglopen.
Nu weet ik dat hij er nog niet aan toe was. Dat het te vroeg was voor hem. Het ging te snel.
Ik jank van het begin tot het einde.
Zo herkenbaar.
Onze zoon zwijgt ook als vermoord. Geen enkele vraag komt over zijn lippen.
Wat ons betreft is alles ok. Alles is in orde. Geplaatst.
Tot ik dan met mijn moeder praat en zij mij een vraag van hem meegeeft. Een vraag waarvan ik behoorlijk schrik.
Wie was de schuldige in deze scheiding?
Mijn moeder zucht.
Ik slik.
Waarom stelt hij die vraag niet aan mij? Zou hij ze aan zijn vader stellen? Vult hij het antwoord zelf in? Maakt hij het groter, erger dan het werkelijk is? Worstelt hij daarmee?
Ik jank van het begin tot het einde.
Zo verdrietig.
Ik voel hoe mijn kind alleen staat in zijn verdriet. Een verdriet dat ik, dat wij hem hebben aangedaan.
Het programma op tv rakelt veel op. De fundamentele pijn van mijn schuldgevoel davert door mijn lijf. Even wil ik geen woorden van troost.
Mijn verstand weet dat het nu beter is. Dat we enkel nog functioneren als moeder, als vader. En dat we daar ons uiterste best voor doen. Maar mijn lijf herkent een gevoel dat het al even niet meer voelde.
Ik jank van het begin tot het einde.
Herken de schuldgevoelens van de vader, de woorden van de moeder…
Hoe het kind zich uit … door te tekenen, verhalen te maken …
Ik slorp haar woorden op. Zou mijn zoon ook zo denken? Ook zo voelen?
Ik jank van het begin tot het einde van het programma.
Dan sta ik op en schrijf ik deze woorden.
Ze zijn vers vanuit mijn ziel, vanuit mijn immens intens verdriet dat er nog steeds is.
Ik zet ze hier. Opdat ze zouden mogen bestaan. Dat ik ze een plaats geef.
Dank je voor het lezen.
En toen verkocht ik boekskes.
Met een handtekening erin.
Dat het raar voelt. Ook wel fijn. Een beetje gejubel bij het bejubeld worden.
Ook wel iets afwerend. “Je moet je niet verplicht voelen, hee.” “Zo goed is het niet, hoor.”
Er is schaam en schaamrood. Er is blos en warmte.
In hun blik zit iets wat ik niet ken. Ik ontdek het en voel me even Columbus of Vasco Da Gama.
Het is als een warmwaterkruik die de kilte van mijn lijf wegneemt op plaatselijke basis. Eventjes ben ik beroemd. Een ambitie die ik koesterde toen ik nog schriel en klein was en met een haarborstel voor de spiegel Kate Bush imiteerde.
Dit is een beroemd-zijn dat me niet past. Het voelt als een foute rok die kromp in de was. Je onderbroek kruipt tussen je billen omdat de naad zich plots elders bevindt.
Ik voel enige gène. Zeker wanneer er iemand zijn verhaal vertelt dat past bij mijn gedicht.
Ga ik zo diep? Ben ik zo open? Zo gevoelig, emotioneel, hard, bezeten, gepassioneerd en meer van dat schoons?
Blijkbaar wel.
Ik schreef een boekje.
En dat wordt gekocht.
C’est ça. C’est tout …
We doen aan stoef
Bitterzoet …
Ik hou van het zoete
in mijn bitterheid
van de zure
appel
die
eenmaal doorgebeten
krampen in je kaken
op de achterkant
van je tong
de suiker
vrij
laat
me maar
los van gal en bloed en tranen
weet ik mijzelf
stroop om jouw mond.
pas bevallen
Hij is er! Hij is er! Hij is er!
“Alles komt altijd goed” door Bloem!
That’s me!!!
Achter
over
gave
hoofd
krult
om
tenen
handen
klauwen
heupen
neigen
hart
borrelt
en schreeuwt.
Mis
Hij.
Mogelijke fb-update
Bloem schreeuwt het van de daken: Op 7 december 2012 ligt mijn gedichtenbundel “Alles komt altijd goed” in mijn handen!! Te bestellen via bookscout.nl. #Bloem gaat uit haar dak!