“Wat ik nog weet …”

“Wat ik nog weet, is dat jouw moeder mee op de zetels sprong en verstoppertje speelde.”

We halen wat herinneringen op. Sedert vier maanden wonen we beiden weer in hetzelfde dorp, ons geboortedorp. Ik  zwierf wat rond. Zij bleef steeds in de buurt van haar heimat. We gingen spelen bij elkaar. Lagereschoolvriendinnetjes waren we. Ik bewonderde haar zus, die later bijna een model werd, haar ouders die statig en indrukwekkend deftig waren.

Mijn ouders waren arbeiders. Rijk, wegens een familie vol zelfstandigen. Arm, wegens die uit de toon vallende arbeidersjob. Wij gingen niet naar theater of de film. Toen ik 16 was nam ik zelf een abonnement bij het “Ballet van Vlaanderen”. Mijn vader verstond dat niet. Doe maar normaal, dan doet gij al raar genoeg. Dat was het motto.

Niet echt bevorderend voor mijn zelfvertrouwen en dat ging later alleen nog maar meer de dieperik in.

Tot Rik te diep zat en ik niet meer verder kon.

Wat goeie hulp, een sabbatjaar en een leven dat serieus op zijn kop gezet werd verder, kan ik zeggen dat ik rechtkruip. Af en toe val ik en mijn schaafwonden genezen niet zomaar. Vandaag heb ik een goede dag en dat komt alleen doordat bepaalde zaken uitgesproken zijn. En dat voelt heerlijk.

Vandaag ging ik mezelf een extraatje gunnen en ik kwam in haar shop terecht. Een zalige iris-winkel. Ik krijg een dikke kus van haar met een extra knuffel. Ik kies kleurige cad’ootjes. We praten over nu. Dat ik er goed uitzie. Dat ik sterker sta. Dat ik groei met scheve knieschijven net als vroeger. Waardoor ik van vrij klein naar heel groot ging en nu voor de rest van mijn leven een scheve schaats rijd door mijn knieen.

Ze spreekt vol bewondering over mijn ouders. Dat ze zoveel voor me doen, dat ze net zo gek als ik kunnen zijn, dat ze een herinnering achterlieten bij haar.

Het verwondert me. Voor mij zijn mijn ouders heel gewoon en soms zelfs ietswat lastig. Alle dagen staat mijn vader daar, om de gratis veranda (die hij ergens op de kop wist te tikken) in elkaar te steken. Hij trommelt oude vrienden op die electriciteit leggen en schilderen en over mijn dak stekende bomen afzagen … (Het voordeel van een arbeidersmilieu!). Hij maakt plannen voor een terras en een tuinhuis. Hij zet met mij de haag die ik gratis van de buurman kreeg. Mijn mama doet de was en poetst mijn huis op vrijdag. Ze steekt af en toe mijn ijskast vol en past op zoonlief dat het een schone deugd is.

Mijn ouders zijn, objectief gezien, fantastisch. Ik werd overspoeld met liefde onder de vorm van bezorgdheid, ongerustheid, angst. Vrij verstikkend voor een kind, moordend voor een puber. Het vrat me helemaal op.

De hulp die ik kreeg heeft me geleerd om duidelijk te zijn, mijn grenzen te stellen en af en toe ‘neen’ te zeggen.

Nu ik dat doe is de verstandhouding met moeder en vader Bloem hersteld. Met de nodige littekens en hier en daar een amputatietje van gevoelens.

Maar mijn ouders zijn inderdaad fantastisch. Ze redden mij. Financieel, praktisch, organisatorisch …. het zijn mijn verzorgers. Nog altijd. Alleen nu met mijn eigen borders. Mijn perkje mag ik behouden. Papa en mama planten en zaaien niet meer in wat van mij is. Ze oogsten alleen het kijken en vertrouwen van mijn keuzes.

Ja …. ik heb een goede dag vandaag!

Advertisements

4 thoughts on ““Wat ik nog weet …”

  1. I like goede dagen !! Uit ervaring weet ik dat als die niet vanzelfsprekend zijn, dat je ze dan méér weet te waarderen.
    Dat er nog veel mogen volgen !!

zegt u het maar!

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out / Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out / Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out / Change )

Google+ photo

You are commenting using your Google+ account. Log Out / Change )

Connecting to %s