Snotteren met het einde van films als deze … ikkanda! Wanneer het gaat over afscheid nemen van geliefden of gewoon twee mensen die niet meer bij elkaar kunnen zijn … dan snotter ik een hele waterloop bij elkaar.

Hij weet dat. Hij kent me al lang. Hij voelt dat aankomen.

Dan geeft hij me zijn hand en mag ik knijpen terwijl ik slik en slik en slik tot ik een dikke krop in mijn keel krijg die niet weg te slikken is. Zijn hand op mijn arm en zijn gefluisterde troost raakten me gisteren diep. Zijn stem is zwaarder dan ooit en wanneer hij fluistert lijkt die in een donkere bioscoop helemaal op zijn vader. Mijn tranen bleven meteen steken waar ze staken. Ik schrok ervan.

Het komt de laatste tijd meer voor. Nu hij meer man is dan hij ooit was. En waarschijnlijk nog meer zal worden.

Hij lijkt op zijn vader. Vooral in de emotionele en troostvragende situaties.

Dat is even schrikken. Omdat het dan lijkt alsof die man weer even naast me zit. Heel even maar. Een luttele seconde.

Het zorgt soms voor een andere waterval. Eentje van herinneringen. En gelukkig maar …. goede en mooie herinneringen. Die kan ik koesteren. En blij zijn dat zoonlief die kanten van zijn vader erfde.

Wanneer we nadien in de late avond weer huiswaarts rijden en samen zingen en onnozel doen, autodansend, weet ik dat hij ook op mij lijkt. Dramatisch, met veel armgebaren, schlagergewijs zeer luid kwelen en lachen en giechelen en draaien met onze ogen. Dat ben ik. Dat is hij.

Hopelijk geeft dat zijn vader af en toe ook mooie herinneringen.

Advertisements

Daar zit je dan. In Cambridge Massachusetts. Met je zakdoek in je mond gepropt te snikken alsof je leven ervan afhangt.

We gingen dus naar de film in Boston. We aten eerst in een zeer chic visrestaurant. We renden door de Red Line, We manoeuvreerden tussen hoge bergen opgestapelde sneeuw langs voetpaden. We hijgden toen we bijna te laat de filmzaal binnendenderden.

Toen stopte alles en kwam ik tot rust. Diep ging ik. Zo diep. Met Moeke op mijn netvlies keek ik naar een sublieme, ronduit schitterende Julianne Moore. Wat een mooie vrouw. Wat een présence. Wat een …

Ik kon het niet houden. Wat een tsunami kwam er weer uit.

Ik drukte de zakdoek hard tegen mijn mond, probeerde mijn ademhaling te regelen en kronkelde van gène naar rechts waar een lege stoel soelaas bood.

Hij drukte zachtjes mijn hand maar deed ze weer snel weg.

De intensiteit verdween allang. Het was jaren geleden dat hij me zo zag.

Tijdens de aftiteling durfde ik niet te kijken. Hij snufte net zo luid als ik. We stonden recht toen de zaal bijna leeg was. Buitengekomen moest het eruit. Tegen zijn schouder aan huilde ik diep vanuit mijn onderbuik. “Kom op” zei hij.

Plots realiseerde ik me dat liefde kan verdwijnen. En dat dat niet erg is.

Het was goed.

(En ja, Julianne Moore mag van mij een oscar krijgen!!)

Vals en tijn

Veertien februari. Ongeveer 12 jaar lang was het een dag waar ik erg naar uit keek. Ik genoot van briefjes in brooddozen, krabbeltjes op de ontbijttafel en kadootjes onder het hoofdkussen. Romantisch type. Ikke dus.

Sedert 2010 vier ik niets meer. Geen reden meer. Geen noodzaak.
Ik heb ongeveer drie jaar lang die dag laten voorbij gaan met enkel de ex in gedachten. Wat gesnotter en gesnuif. Veel zakdoeken en chats met andere single vriendinnen op facebook.Zielig type. Ikke dus.

Vandaag brengt de ex zoonlief terug naar huis. Misschien gaat hij nadien wel wat romantisch doen? Ik weet het niet en zal het nooit uit zijn mond horen. De ex heeft mij al een heel lange tijd geleden afgeschreven. Als een afschrijving met slijtage. Als een …
ach, ik kan er nog zoveel over zeuren en huilen als ik wil, het komt nooit meer goed.
En dat terwijl mijn motto altijd geweest is: Alles komt altijd goed.

Vandaag zou ik veertien februari weer kunnen vieren. Omdat er iemand is die me graag ziet. Zoals ik ben. Met lijmlittekens en slijtage.
En toch …
het gaat nog niet. Ik wil er liefst niets over horen. Al dat rodehartjesgedoe…
Ik wil nog niet.
Want dan schrijf ik de ex ook af. En ik was altijd al slecht in economie.

Voor mij is er nog altijd die restwaarde. Die weegt nog te hard door.
Dus vier ik niets.
En kijk ik naar Percy Jackson and the sea of monsters met zoonlief. Nog steeds de belangrijkste man in mijn leven. En dat is wel voor altijd!

It’s all in the movies.

Zou u dat doen?
Naakt gaan in een film?
Een film die niet in de bioscoop komt?
Een film die waarschijnlijk geen oscarnominatie krijgt?
Naakt? En niet betaald worden?
Zou u dat doen?

Ik niet!
Vandaar dat ik me opgaf om in de namiddag figurant te spelen in een de film “Dance” van Hans Op De Beeck. Tijdens de voormiddag werden de douche-opnames gemaakt. Dat moet verschrikkelijk koud geweest zijn. In de hoge loods van Park Spoor Noord te Antwerpen heersten ijzige temperaturen. Met kleren aan was het om te bevriezen. Wat moet dat naakt geweest zijn? Amai!

Zoonlief zag het eerst helemaal niet zitten. “Zo’n genante broek, mama!”. Zoonlief had een imago-conflict. Een halflange, grijze, linnen broek met een knoop is genant! Nah!
Ik vond mijn kleedje echter wel mooi. En het leuke was dat we die mochten houden! Wat zoonlief al helemaal ‘STOM’ vond.

Hans Op De Beeck is een mooie man met een zachte stem. Afkomstig uit de stad waar ik vier jaar gelukkig was.

Probleemloos gaf hij instructies die even probleemloos werden opgevolgd. “Sereen kijken” was de meest belangrijke boodschap. Wat voor zoonlief aanvankelijk niet echt vanzelfsprekend was.
Vreemde mensen knuffelen en dan sereen wegstappen? Ben je gek, mama?! Jakkes!!!
Gelukkig hadden de vrouwen die rond zijn moeder stonden ook kinderen bij. Coole kinderen. Kinderen die ook wat stout durfden zijn. Als in: praten terwijl het niet mocht en rennen terwijl ook dat niet mocht.
Zoonlief had uiteindelijk, ondanks zijn genante broek, een hele leuke dag.
Moeder Iris ook. Fijn gebabbeld met een stel straffe dames. Door de gezamelijke inspanning van 500 figuranten werden het mooie beelden. Dat zeggen de foto’s toch.
dance dekens

dance dekens2

Op de laatste foto ben ik ontzettend duidelijk in beeld, maar natuurlijk alleen voor de kenners. (gniffelende glimlach alhier invullen)

Het was een hele speciale ervaring. Het kriebelt terug. Ik zou graag terug gaan acteren. Dat is geleden van in 2009. (Amai!)
Voorlopig hou ik het echter bij Hans Op De Beeck.
En ga ik vooral verder met mijn nieuwe bandje. We repeteren.
Zonder drummer weliswaar, want die bleek uiteindelijk vooral veel zin te hebben in praten over muziek. Niet echt in het maken ervan. (tweede gniffelende glimlach alhier invullen)
Dus we zijn op zoek. Indien u graag wat mept om trommels en hiats, mag u alhier solliciteren.

Ondertussen wentel ik mij in twijfelachtige roem bij Hans, zing ik wat deuntjes in mijn woonkamer en ‘dance’ op de tonen van mijn eigen stem.
Jongens … GOESTING!! (brede glimlach alhier invullen)

Prachtig bevreemdend.

Al jaren lees ik hem/haar.

Nozap.

Geen persoonlijke dingen bloggen, slechts prachtige, unieke, rare, bevreemdende, heerlijke vimeo-filmpjes.

Ze ontroeren me, doen me lachen maar meestal slaan ze erin als een mokerslag. Mijn buik, dat is.

Tenenkrullende herkenning bij deze.

Een vrouw. Eenzaam. Verlangend. Eenzaam.

Ze praat. Tegen niemand lijkt het wel. Ze praat luidop met een trage temende stem. Je ziet hoe ze zoekende is. Naar wat warmte. Wat zuiverheid.

De leegte overvalt haar. Ze lijkt gek te worden.

Wanneer ze het hoofd van haar leerling streelt, voel je haar wanhoop. Zo zoekende dat ze gekke, foute dingen doet.

En dat alles om de aandacht te trekken van 1 man.

De parallellen mogen niet te ver doorgetrokken worden … maar mijn hart ging naar haar uit.

MOUNTAIN from martin de thurah on Vimeo.

BBB (Mijn gedacht!)

Hoever gaat een blogger in het bekendmaken van zijn leven?
Ik ken bloggers die daar (in mijn ogen) ver in gaan. Hun hele persoonlijke leven staat online, kinders en huisgenoten daar aan toe.
Dat is iets dat ik niet doe. Niemand kent de naam van mijn ex, mijn zoon, mijn werk, mijn straat, mijn huis. (O ja, dat laatste mag je alsnog weten: Villa Kakelbont. Al daar woon ik)
Niemand weet iets over mijn zuster, mijn ouders, mijn vrienden …

Waar ik dan misschien wel vrij ‘exhibitioneel’ in ben, is het tonen van mijn emoties. U las mijn kots van jaren. Excusez le mot.
Elke diepte, elk dal, elke top en elke weg er naar toe … ik toonde het hier in het het zeer lang (1 meter 80) en het zeer breed (ge denkt toch niet dat ik hier mijn heupomtrek ga noteren. Tongue in cheek).

Dat heeft mensen gestoord. Misschien zelfs gekwetst. En dikwijls boos gemaakt.
Dat zijn de mensen die de emotie veroorzaken, beheersen, controleren of maken.
Dat zijn dikwijls lieve, goede, prachtige en schone mensen.
Af en toe gaat het hier over mensen die het woord niet waard zijn. Maar helaas nemen zij af en toe (dus) wel wat plaats in.

Ik vind u een geduldig publiek. Lief, medelevend en supporterend. Nu ja, de mensen die hier een reactie achterlaten. De meelezers zijn me minder bekend.
Ik voel mij goed bij u. Die mensen die me een mailtje stuurden uit bezorgdheid. Ik dank u daarvoor.

In het heden voel ik soms de neiging om u mijn geluk te onthouden. Omdat ik in het geluk veel bekender word. Omdat dat op publieke en openbare plaatsen is.
Ik word daar verlegen van. Bang om u tegen te vallen. Om luider of groter of bruiner of blonder of breder of smaller te zijn dan u het dacht.
(De eerste keer dat ik een foto van Grietje zag, kon ik niet geloven dat zij het was. Ik had een heel andere beeld in gedachten. Raar maar waar, ik zie haar nog altijd met het uiterlijk dat ik zelf bedacht. Terwijl ze er in het echt niet zo uitziet.)
Dikwijls is een stem, een gelaatsuitdrukking zo bepalend wanneer je je een karakter inbeeldt dat het echte, het ware je teleurstelt of van slag brengt.

Daarom ga ik hier de filmpjes niet posten.
Terwijl ik er zelf zo trots op ben en blij van word.
Maar het is ‘ik’ die een rolletje speelt, een typetje, met scherpe stem en bizarre trekjes. Het is niet de wanhopige, depressieve of overenthousiaste Bloem die u allen kent. (en hopelijk ook liefhebt)

Terwijl ik u graag als mijn publiek hebt.
Ik vind dat u allen, die hier de laatste twee jaren volhielden, verdienen om te zien dat het goed met me gaat.
Dat uw welbedoelde zorgen, mailtjes en reacties iets opleverden.
Dat uw steun de moeite is geweest.

Dus zou ik ze graag laten zien aan u.
De filmpjes waarin ik doe wat ik graag doe: acteren, improviseren en vooral elke grein uit mijn lijf laten leven zoals het bedoeld is.
De filmpjes voor een politieke partij waarin ik me wel wat kan vinden. Een partij waarvoor ik graag onnozel en gek doe omdat het uiteindelijk mildheid is die me heeft gered.
Milde mensen leven in die partij. Tenminste in Turnhout toch.
Het zegt niets over mijn politieke overtuiging, dat kan ik verzekeren.
Maar ik deed het graag. Zo graag.

Dus wat denkt ge? Een Bekende Bloem Bloggende iris?
Of toch nog wat mysterie?