Honderddagengeluk

Zag je het ook? Op facebook of twitter?
We gaan met z’n allen aan het geluk. Honderd dagen.

Mezelf kennende (disciplineloos en lui) waag ik me meestal niet aan dat soort uitdagingen. “Tisgoedvoorefkes” U kent dat wel.

Ondanks dat feit, ga ik er dan nu toch ook even voor. Geluk?! Ik verdien dat!
Het verdriet van de laatste weken is aanwezig maar mijn dagen zijn niet donker gekleurd. De zon zit achter de wolken. Ze piept regelmatig.
Ik draai mijn gezicht dan met graagte naar haar toe. De stralen verwarmen mijn neus en bezorgen me sproeten van hier tot Tokio. Ik laat het met goesting gebeuren.

Honderdagengelukuitdaging, hier kom ik! Hopelijk (ge)lukt het me deze keer wel.

Vandaag is mijn dag 1.
Op bezoek geweest in de naburige Daltonschool. Even kijken hoe ze dat daar doen.
En fijn dat het was. Inspiratie opgedaan!
Yep. Ik heb geluk met mijn job.
1622434_10152367017675362_189329340_o

Met een ietwat ijl gevoel in mijn hoofd loop ik door de donkere straat. De sterren verlichten mijn wandelpad. Mijn huis licht op in de verte.
Ik draag een oude foto van mijn overgrootouders met daarop een pak wafels. Het ene een gift van mijn vader, het andere van mijn moeder.
Ik glimlach tegen de zwarte nacht.
Mijn lach van zonet buldert nog na in mijn oren.

Drie cava’s. Tot groot protest van mijn moeder en even groot jolijt van mijn vader. Drie cava’s. Ze zorgden voor een hartuitstorting van jewelste. Een lach en een traan.
Mijn mama en papa. Beiden altijd zo ongerust over mijn welzijn. Ze luisterden. Voorzichtig om me niet te laten toeklappen.
Ik ben de dochter die het minst vertelt over haar innerlijke zieleroerselen.
Ik ben ook het zorgenkind thuis.
Ze luisterden.
Vertelden over hun eigen relatiemoeilijkheden die in de jaren 80 gesitueerd werden en niet meteen van het allerergste soort waren.

Mijn ouders.
Het zijn beste vrienden. Vanaf hun geboorte. Op alle familiefoto’s staan ze naast elkaar. Zij met een pop. Hij met een schop in zijn hand. Je ziet hoe hij toen al naar haar keek. Zijn enige nicht die later zijn vrouw zou worden.
Het is geen gemakkelijk voorbeeld.
Zeker na twee mislukte huwelijken en eens zoveel mankgelopen relaties blijven ze een voorbeeld dat me aantrekt en afstoot.

Deze avond waren we weer mama, papa en dochter. Met een kwinkslag. Met liefde.

Ze helen mijn wonden. Ze maken me heel.

Laat me even melig doen.
Ik ben er aan toe.

Not Weldon

Sommige zaken moet je onthouden. Ze besparen je veel tijd en energie.

Wat ik maar niet schijn vast te houden is het feit dat ik de boeken van Fay Weldon niet graag lees.
Het is te dikwijls dat ik in de bib een boek van haar op de tafel leg, waarna de bibmevrouw die ijverig scant.

Dan kom ik thuis, lees ik de tien eerste bladzijden en denk ik: Pffff, dat is saai.
Deze keer was “Saunageheimen” aan de beurt.
Ok, u mag mij hartelijk uitlachen. Zo’n titel getuigt inderdaad niet van de meest hoogstaande literatuur. Maar omdat ik ging voor hersenloos en moeiteloos leesplezier zag ik het boek aanvankelijk best zitten. Maar na een paar bij de haren gesleurde levensverhalen van tien dames in een bubbelbad werd ik het toch wel beu. Alles kwam aan bod: scheiding, overspel, een man die een vrouw wordt, iemand die in de gevangenis zat, iemand die met een groezelige taxichauffeur in bed duikt en waarbij hij dan de liefde van haar leven wordt … Een tiental aparte verhalen die met een flinterdun verhaaltje aan elkaar worden gelijmd.

Bij verder opzoekingswerk blijkt Fay Weldon een professor te zijn die bij de buren aan de overkant als een hoogstaand literair standje wordt gezien. Amai, zeg ik dan. Hoedje af.
Nu twijfel ik dus aan mijn oordelingsvermogen. Heb ik dan geen smaak of gevoel voor literatuur? Snap ik het algehele plaatje niet helemaal?
Ach, ik vind haar boeken niet goed. Punt. Professor of niet.

Misschien moet ik toch even de bibmevrouw inlichten. Zodanig dat er een alarm afgaat wanneer ik de volgende keer weer Fay op tafel leg?

Hij zingt

… terwijl ik aan mijn computer rekeningen betaal en uit het raam kijk naar een ondergaande zon.
Hij zit in bad en zingt.
Luid en vrolijk.

Niet helemaal juist. Soms wat vals.
Maar met ongekende kennis van de tekst.

Morrissey

Zijn genre. Niet het mijne.

Ik glimlach. Even schiet de ex door mijn hoofd. Zoals we vroeger zongen, zo zingen we nu niet meer. Dat is soms zo ‘au’ omdat dat het belangrijkste was wat ons bond.

Maar ik zing. En hij zingt.
Ik geniet van zijn kinderlijke enthousiasme. Hij heeft dat. Hij is blij.
En ik dus ook.

Ik voel.